Yogadocent Vijay Gopala: ‘Maak ruimte voor het pure zelf’

  • Leestijd: 10 minuten
  • Marlies Kieft

De Indiase yogi Sri Vijay Gopala (44) geeft wereldwijd docententrainingen waarin hij pleit voor meer waardering van het ‘zijn’, naast het ‘doen’. Met verwondering kijkt hij naar ons haastige Nederlanders. ‘Buiten is het hier zo netjes, maar van binnen is het chaos.’

Op de bovenste verdieping in het Dominicanenklooster in de Gelderse stad Huissen, waar Sri Vijay een docententraining geeft, zie ik twee deuren naast elkaar. De rechterdeur is dicht. Die is van de ruimte die we straks binnen zullen gaan voor het interview, waar we aan tafel zullen zitten met tussen ons in blauwe druiven uit de kloostertuin.

De linkerdeur staat open. Ik kijk naar binnen. Op een rij hangen lange witte pijen van de dominicaner monniken die een deel van het klooster bewonen. De Indiase yogi, die mij vergezelt, staat even stil voor de open deur met de pijen als achtergronddecor, als een roerloos beeld waar eeuwenoude westerse en oosterse wijsheid en kalmte elkaar ontmoeten.

Een leven zonder stress, daarover hoorde ik Sri Vijay eerder praten in het NPO televisieprogramma De dolende dertiger. Dat willen we allemaal wel, stressvrij leven. In ons land hebben we genoeg keuze als het gaat om cursussen en yogalessen over hoe om te gaan met stress, maar als yogi uit een oosterse cultuur kijkt Sri Vijay waarschijnlijk echt anders naar dit fenomeen. Sterker nog, hij kent stress niet uit eigen ervaring, vertelt hij. Net zo min als haast, irritatie of zelfs boosheid. ‘Ik lijd niet,’ zegt hij. Verdriet kent hij wel. Hij was erg verdrietig toen zijn vader overleed, twintig jaar geleden, ‘maar dat was geen lijden’.

In het Westen is weinig ruimte tussen alle actie, ruimte om met jezelf te zijn

 

Steeds meer doen

Sri Vijay is klein, tenger, draagt om zijn schouders een lichtgele sjaal die hij ooit van zijn vader kreeg. Hij praat rustig en een brede, witte lach breekt gemakkelijk door. Ik hoef hem maar een vraag voor te leggen en de wijze verhalen en beelden borrelen direct in hem op.

Al heeft hij zelf geen stress, hij ziet het wel bij ons Nederlanders en in het hele Westen. Hij denkt ook de bron ervan te zien. ‘In het Westen hechten jullie meer waarde en betekenis aan “doen” dan aan “zijn”. Normaal gesproken zou je moeten “doen” om te kunnen “zijn”, maar jullie doen om daarna weer te kunnen doen. En nog een keer en nog een keer. Het doen is hier ook meestal gericht op buiten. Er is weinig ruimte tussen alle actie. Ruimte om helemaal met jezelf te zijn, zonder prikkels en bemoeienis van buitenaf, zonder muziek, regels of tijd. Het ontbreekt jullie aan pure ruimte voor het pure zelf.’

‘We verlangen er wel naar,’ zeg ik.

Vijay lacht breed. ‘Ik merk dat mensen hier veel liefde in hun hart hebben, maar de gewoonte om steeds maar te doen neemt het over. Toen de yoga naar het Westen kwam, werd het gevormd naar hoe mensen hier leven. Yoga in het Westen bestaat voor een groot deel uit het doen van de houdingen, en daarin zijn studenten ook zeer toegewijd. Voor ademhaling en meditatie is minder aandacht. Juist daarin zit het zijn.’

Om drie uur op

Zelf besteedt de yogadocent vier uur per dag aan meditatie, ademhaling en yoga in afzondering, helemaal met en voor zichzelf. Ik vraag hem heel westers waar hij de tijd vandaan haalt als hij ook nog een hele dag docententraining geeft. ‘Ik sta elke dag om drie uur in de ochtend op,’ zegt hij droogjes. Zijn vier uur in spirituele afzondering vormen de krachtbron waardoor hij energiek en gelukkig is en niet meer dan drie uur slaap per nacht nodig heeft. ‘Slaap heb je nodig om te rusten en rust heb je nodig als je moe bent. Er zijn drie varianten van vermoeidheid,’ doceert hij. ‘De fysieke, de mentale en de energetische vermoeidheid. Door meditatie, een juiste balans in beweging en rust, in het omgaan met jezelf en met anderen en door goede voeding word je minder moe en heb je dus minder slaap nodig.’

Ik denk aan hoe uitgeput ik ’s avonds vaak ben en dat ik dan alleen nog maar voor Netflix wil hangen en het liefst tien uur zou slapen. Ik ben vast op alle drie de fronten uit balans. Dan realiseer ik me met enige zelfcompassie dat ik me heus niet hoef te meten met een yogi die als kind werd gevoed met oude Indiase yogawijsheid, die een vader had die ook yogi was, die op zijn veertiende de Yoga sutra’s van Patanjali uit de uitgebreide familiebibliotheek had gelezen, een master haalde in Yoga en Filosofie en nog nooit bij de dokter is geweest omdat dat niet nodig was. Inspiratie opdoen, dat is genoeg.

Hoezo probleem?

‘Wat voor een kind was u?’ vraag ik. ‘Ondeugend en levendig,’ antwoordt hij. ‘En leergierig. Op school haalde ik altijd het hoogste cijfer. Op een dag, ik was een jaar of tien, maakte ik een fout met geschiedenis en was ik tweede. Ik kwam thuis met een droevig gezicht en vertelde wat er was gebeurd. Mijn vader sprak geen woord, zette me achter op zijn fiets en reed naar het ziekenhuis, waar hij me rondleidde door gangen en kamers vol ernstig zieke mensen. “Wie heeft er een groot probleem?” vroeg hij me naderhand. “Zij of jij?” Daarna hield ik me niet meer bezig met eerste, tweede of derde zijn. Waar het echt om gaat is gezondheid, geluk en liefde.’

Een andere belangrijke les die Vijay van zijn vader leerde is onderscheid maken tussen een levensgebeurtenis en het leven zelf. ‘Thuis hadden wij een tijd lang financiële problemen omdat een neef geld had geleend en het niet terug kon betalen. Ik heb daar thuis nooit iets van gemerkt, tot de neef er zelf over begon. ’s Avonds aan tafel met mijn vader, moeder en broer vroeg ik waarom ze niets hadden laten merken van hun problemen. Mijn vader zei: “Het leven is om te leven en een levensgebeurtenis is iets om mee om te gaan.” Vaak zijn we geneigd om dat wat van buitenaf komt ons leven te laten domineren.’

‘Maar een levensgebeurtenis kan het leven wel beïnvloeden,’ breng ik in. ‘Stel dat je ernstig ziek wordt…’

Sri Vijay vertelt dan over een van de studenten in zijn retreat centrum Yoga Gita in het Indiase Mysore. Ze werd ziek en moest naar het ziekenhuis. ‘Toen ik haar bezocht, stelde ik voor om terug te komen met een groep studenten om samen met haar te dansen in het ziekenhuis. “Dat kan niet, ik ben ziek”, zei ze. “Is je geest ook ziek?” vroeg ik haar. “Ook al til je alleen maar een arm op, dat is ook dansen.” We hebben gedanst en ik zag energie waar eerst lusteloosheid was.’ Hij kijkt me aan en daar komt weer zo’n wijsheid: ‘Approach a problem with celebration. Geluk zit van binnen, niet buiten.’

Spiegelglad

De westerse mens is vaak gericht op de buitenwereld, benadrukt Vijay nog eens. ‘Buiten is het hier zo netjes, maar van binnen is het chaos. Jullie hebben een maatschappij waar alles goed georganiseerd is en waar je snel van de ene plek naar de andere kunt komen. Snelheid is goed wanneer je het gebruikt om bijvoorbeeld een uur over te houden voor meditatie, niet als het overgaat in de noodzaak om nog meer te doen, waardoor haast en spanning ontstaan. Mensen hier zijn erop gericht om iets te bereiken, maar wanneer dat is bereikt, geeft het geen geluk. Het is alsof je een prachtig schilderij hebt gemaakt, maar je hangt het niet op om ervan te genieten.’

Hij is even stil en zegt dan: ‘Wanneer je je leven betekenis geeft door te doen, is het alsof je midden in een golf in de zee springt; van die ene golf kom je weer in een andere golf terecht. Wanneer je investeert in het zijn, kom je terecht in een spiegelglad meer.’

 


Creëer ruimte om te zijn    

Wisselende neusgatademhaling (Nadi Shodhana pranayama)

  1. Ga zitten in een comfortabele positie, probeer met je geest aanwezig te zijn in het nu. Je linkerhand is in Chin mudra, waarbij de top van je wijsvinger rust op je duimtop.
  2. Sluit met je rechterduim je rechterneusgat, adem uit door je linkerneusgat. Adem weer in door je linkerneusgat. Adem uit door je rechterneusgat, terwijl je nu met je wijsvinger je linkerneusgat sluit. Adem in door je rechterneusgat. Herhaal deze cyclus gedurende 10 minuten.
  3. Probeer je geest kalm te laten zijn, zodat de ademhaling gelijkmatig en natuurlijk kan plaatsvinden.

Deze ademhalingstechniek helpt om je energiebanen in balans te krijgen. Je ervaart harmonie in je lichaam, ademhaling en geest. Het roept een wijsheid op die je helpt te groeien.

Meditatie

  1. Ga zitten in een comfortabele positie en sluit je ogen.
  2. Vecht niet tegen je gedachten, maar laat ze gaan. Probeer steeds weer terug te keren naar het Zelf, waar elke vorm van dualiteit verdwijnt. In meditatie kun je een pure staat van zijn ervaren. Dat wat je doet is vluchtig, maar dat wat je bent blijft eeuwig.
  3. Mediteer minimaal 20 minuten.

Elke dag mediteren creëert een vredige en gelukkige staat van zijn.

Boom (Vrksasana)

  1. In deze staande houding plaats je op een uitademing de hiel van je rechterbeen tegen de binnenkant van je linkerdijbeen.
  2. Breng op een inademing je handen boven je hoofd met de handpalmen tegen elkaar. Duw je voet en dij niet tegen elkaar aan, maar plaats je voet zacht tegen je dij. Probeer zelfs niet om met je voet in de grond te drukken. Wanneer je duwt of trekt, creëer je (in)spanning, terwijl je zoekt naar gemak.
  3. Je kunt testen of je lichaam ontspannen is door je ogen te sluiten. Als je uit balans raakt, mis je de ontspanning in de houding. Doe de houding 2 minuten aan beide kanten.

Deze pose helpt bij het vinden van balans in rust.

Krijger II (Virabhadrasana II)

  1. Ga voor op de mat staan. Stap terug met je linkerbeen en open je lichaam en armen opzij op een inademing.
  2. Je linkerbeen is gestrekt, zak op een uitademing met je rechterbeen door je knie. Je armen zijn op gelijke hoogte met je schouders. De rechterarm wijst naar voren, de linkerarm naar achteren. Kijk langs je rechterarm.
  3. Probeer niet met je voeten tegen de grond te duwen. Check of niet al het gewicht op de rechterknie rust; verdeel je gewicht over het hele lichaam dat samen met de knie is gezakt. Wissel na 2 minuten van kant.

Deze houding is een oefening in balans en lichtheid.

Gebroken Kaars (Viparita Karani mudra)

  1. Ga liggen op je rug met je armen recht langs je lichaam. Buig op een inademing je knieën en strek daarna je benen en billen omhoog.
  2. Leg je handen onder je heupen om je lichaam te ondersteunen, de ellebogen blijven op de grond.
  3. Blijf minimaal 5 minuten in deze houding.

Mudra betekent een houding die het lichaam en de energie gunstig beïnvloedt. Omdat je je lichaam omgekeerd houdt, kan dit letterlijk voor een nieuwe dimensie in je zelfreflectie zorgen. Ook draagt de houding bij aan een beter functioneren van de organen.

Tekst: Marlies Kieft Fotografie: Harold Pereira Styling: Esther de Munnik

Training

De kracht van ademen

Ademen doe je gelukkig altijd vanzelf, onbewust. Maar wanneer je bewust ademt, kun je van je adem een enorm krachtige...
Delen via:
11 juni 2020

2 reacties


Schrijf je nu in voor de yoga nieuwsbrief